zoek

Buigen zonder (te) barsten: zoekrichtingen voor Colleges van Burgemeester & Wethouders om ombuigingen te realiseren

Ombuigen09/12/2011  In veel Programmabegrotingen 2012 - 2015 zien wij naast ingeboekte ombuigingen, ook een opmaat naar een (nieuwe) ombuigingsronde. De Kadernota 2013 - 2016 is het eerste logische moment dat u, als College van Burgemeester en Wethouders, de raad concrete ombuigingsvoorstellen kunt voorleggen.

 

In oktober gaf Joost Janssen, deskundige op het gebied van gemeentefinanciën, raadsleden vijf tips om de plausibiliteit van ombuigingsvoorstellen (voor vaststelling) te beoordelen. In november gaf hij raadsleden drie handvatten voor de realisatiefase en Colleges van B&W zes aandachtspunten om te borgen dat een (volgend) ombuigingsproces goed verloopt. In deze vierde publicatie schetst hij Colleges van B&W een aantal zoekrichtingen voor inhoudelijke invulling van ombuigingsvoorstellen.

 

1 Verhogen van uw baten

De belangrijkste manier voor gemeenten om structureel extra inkomsten te verkrijgen, is door het beleid op het terrein van de gemeentelijke belastingen en heffingen aan te passen. Dit kan op een aantal manieren:

 

  • Verhogen van tarieven van reeds ingevoerde belastingen. De Onroerende Zaak Belasting (OZB) is de belangrijkste en meest voorkomende belastingsoort. De tarieven van de gemeentelijke belastingen zijn niet aan een (wettelijk) maximum verbonden. Toets tariefsverhoging aan (strategische) doelstellingen van de gemeente en let er op dat een plotsklapse tariefsverhoging kan leiden tot imagoschade.
  • Invoering van nieuwe belasting- en heffingssoorten. U kunt denken aan:
  1. de roerende ruimtebelasting (woonwagen, woonschepen);
  2. de precariobelasting (geheven over voorwerpen onder, op en/of boven openbare ruimte);
  3. de reclamebelasting (openbare aankondiging zichtbaar aan openbare weg);
  4. de parkeerbelasting;
  5. de vermakelijkheidsretributie (heffing bij lokale (entertainment)ondernemers als bijdrage aan speciale voorzieningen die de gemeente voor hen treft/heeft getroffen).
  • Verhogen van de kostendekkendheid van leges. U kunt nagaan of de leges (op begrotingsbasis) 100% kostendekkend zijn. Ook kunt u controleren of alle (mogelijke) kosten die de gemeente maakt al vervat zijn in de legestarieven. Met andere woorden: zijn ook de kosten die niet direct met de dienstverlening samenhangen aan de leges toegerekend, zoals kosten van management en staf, huisvestingskosten, facilitaire kosten, etc.?
  • Nagaan of de gemeente baten misloopt. U kunt checken of de gemeente (brede) doeluitkeringen (bijvoorbeeld: WSW, BDU-CJG, onderwijsachterstanden) ontvangt die zij niet geheel gebruikt en daarom moet terugbetalen aan het desbetreffende ministerie. Wellicht is het mogelijk om andere activiteiten en daarmee gemoeide lasten op deze doeluitkering te boeken.

 

2 Hoe kunt u de pijn (anders) verdelen?

Een verhoging van uw baten kan leiden tot een (in uw ogen) ‘oneerlijke' verdeling van de pijn over groepen van inwoners. Wij schetsen u twee mogelijkheden om hierop (structureel) invloed uit te oefenen.

 

  • Aanpassen van de tariefstructuur van (bestaande) belastingen en heffingen. Hierbij kunt u denken aan de lastenverdeling tussen huurders en eigenaren, eigenaren van woningen en niet-woningen, één- en meerpersoonshuishoudens, vervuilers en niet-vervuilers en groot- en kleinverbruikers. Een bekend voorbeeld van het laatste is het invoeren van gedifferentieerde tarieven (DIFTAR-systeem) bij de afvalstoffenheffing.
  • Aanpassen van kwijtscheldingsmogelijkheden. U kunt de kwijtscheldingsmogelijkheden verkleinen en daarmee extra baten voor de gemeente verkrijgen. Dit kan ten eerste door de inkomensgrens naar beneden bij te stellen (percentage van de bijstandsnorm). Ten tweede kunt u kwijtscheldingsmogelijkheden verkleinen door over bepaalde belasting- en heffingssoorten geen kwijtschelding meer te verlenen. Natuurlijk kunt u genoemde maatregelen ook andersom gebruiken om de kwijtscheldingsmogelijkheden te verruimen.

 

3 Verlagen van uw lasten

Behalve het verhogen van de baten heeft u ook verschillende mogelijkheden om de lasten te verlagen. Besteed daarbij expliciet aandacht aan het in kaart brengen van de maatschappelijke consequenties van het voorstel.

 

  • Verminderen van uitgaven aan niet-wettelijke taken. Op basis van de (strategische) visie en/of uitgangspunten van uw gemeente, kunt u voorstellen dat u bepaalde taken niet meer (alleen) als taak van de gemeente ziet. Denkt u met name aan afbouw van voorzieningen, zoals de sluiting van een zwembad, cultuurhuis of sportvoorziening.
  • Verlagen (afbouwen) of zelfs stoppen van subsidierelaties. Zeker wanneer tegenover de subsidie geen aanwijsbare ‘tegenprestatie' staat (bijvoorbeeld bij waarderingssubsidie) kan de gemeente deze subsidie afbouwen of stoppen. Wanneer er wel een duidelijke tegenprestatie wordt geleverd, moet in samenspraak met de subsidiënt worden vastgesteld wat deze niet meer of minder kan doen.
  • Verlagen van het onderhoudsniveau. Het onderhouds- en eventueel kwaliteitsniveau van de openbare ruimte - en daarmee de benodigde jaarlijkse stortingen in de onderhoudsvoorzieningen -verlagen. Hiervoor is het nodig dat het kwaliteitsniveau eenduidig is vastgelegd en (geobjectiveerd) wordt gemonitord.
  • Uitbreiden of intensiveren van samenwerkingsverbanden en uitbestedingen. Mogelijk kunnen taken door (horizontale of verticale) samenwerking of uitbesteding goedkoper worden uitgevoerd. In het geval van intergemeentelijke samenwerking (horizontale samenwerking) is bovendien de keuze tussen partiële (enkele taken) en integrale (samenvoeging ambtelijke organisaties) samenwerking te maken. Voor enige vorm van samenwerking wordt aangegaan, is het belangrijk een objectief beeld te hebben van het huidige functioneren van (het dienstonderdeel van) de gemeente.
  • Strategische omgang met externe inhuur. Het is van belang dat de externe inhuur goed is afgestemd op het strategisch personeelsbeleid. Dit betekent ook dat het beleid aansluit op de aard (reden) en omvang van de inhuur van externen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om het terugdringen van het ziekteverzuim.
  • Nagaan of afschrijvingstermijn activa sluitend is. De gemeente kan overwegen om (eenmalig) de afschrijvingstermijn van activa (bijvoorbeeld gebouwen) te verlengen (bijvoorbeeld van 30 naar 40 jaar), indien de economische levensduur van de activa dit toestaat en het binnen de grenzen van het BBV valt.


Ombuigingen, hoe en wat?

Een ombuigingsvoorstel is plausibel wanneer de onderbouwing van het voorstel volledig is en voldoende inzicht wordt geboden in de consequenties van het voorstel. De plausibiliteit van een ombuigingsvoorstel neemt toe met de mate waarin deze herleidbaar is gebaseerd op een herijking van ambities.

 

Gepubliceerde onderzoeken

Necker van Naem voerde (rekenkamer)onderzoeken uit naar de plausibiliteit van ombuigingsvoorstellen van de gemeenten Pekela, Utrechtse Heuvelrug en Rijssen-Holten.


Heeft u vragen over ombuigingen of gemeentefinanciën in het algemeen?

Neem dan contact op met Joost Janssen, via 06-26048976, joost@necker.nl, of via twitter @janssenjoost #ombuigingen

 

Home ›
Terug ›

Website ontwerp en CMS: webdesignbureau Noah Design